Een succesje voor de Stadsbron. Ons pleidooi voor een plaquette op het Kapelhuis ter herinnering aan de roemruchte galerie die daar gevestigd was, heeft gehoor gevonden bij de gemeente.
In mei vestigde uw Grimlacher de aandacht op het overlijden van de laatste van de drie dames van het Kapelhuis en op de totale afwezigheid van een verwijzing in de stad naar de nationaal vermaarde galerie die van 1960 tot 1992 in Amersfoort gevestigd was geweest. Verreweg de langste tijd zaten Hyke Koopmans, Margje Blitterwijk en Maria van Kesteren in het Kapelhuis, op de hoek van de Krankeledenstraat en het Onze Lieve Vrouwekerkhof.

Ik schreef dat de Voorthuizense beeldhouwer Gerard Overeem die de dames goed gekend heeft en die zwaar beïnvloed was door de fraaie keramiek, textiel en design die in het Kapelhuis te zien waren geweest, de gemeente had aangeboden om op eigen kosten een ‘bescheiden monument’ aan te brengen in het uit 1521 daterende huis. Hij dacht aan een blok brons met daarin gegraveerd een deel van de lovende tekst die Benno Premsela ooit over de galerie geschreven had. Overeem wilde de kosten daarvan zelf betalen.
Zijn verzoek, of eigenlijk aanbod, dateerde uit augustus 2018. Een jaar later, toen hij er maar steeds niet in slaagde contact te krijgen met de verantwoordelijke ambtenaar, trok hij hevig teleurgesteld zijn geste in. Om een paar dagen na de publicatie van onze Grimlach eindelijk een bericht te krijgen van de gemeente.’Beste Gerard, Met lood in mijn schoenen schrijf ik je dit bericht’, schreef de ambtenaar die diep door het stof ging en oprechte excuses aanbood.
De maquette komt er nu dus toch. Met medewerking van beeldhouwer Ton Mooy, siersmid Rein Tupker, vormgever Adri Colpaart en graveerder Theo Groenewoud. De supervisie is in handen van Gerard Overeem, maar deze betaalt het bronzen monument niet meer uit eigen zak. "Het bedrag dat ik hiervoor gereserveerd had, heb ik inmiddels uitgegeven aan een ander, dankbaarder doel,” liet hij indertijd weten. De gemeente heeft besloten de portemonnee te trekken voor het eerbetoon aan de drie dames.
Goed nieuws dus.
Voor een ander pleidooi van deze Stadsbron-scribent is helaas nog geen witte rook te zien. Ik heb er een aantal keren op gewezen dat Amersfoort weliswaar struikelstenen heeft liggen voor de huizen waaruit de joodse stadgenoten in de oorlog zijn weggevoerd, maar dat er in de stad nergens een publieke plek is waar je álle 339 omgekomen joden kunt herdenken. Bijvoorbeeld op 4 mei.
Een van de vorige burgemeesters van Amersfoort, Annie Brouwer, heeft ooit op een eerder verzoek om een joods monument op te richten, laten weten dat naar haar overtuiging de Stenen Man bij Kamp Amersfoort dé plek is waar álle omgekomen Amersfoorters dienen te worden herdacht. Ik ben het daar mee oneens. Naar mijn bescheiden mening worden tijdens de jaarlijkse Stille Tocht op 4 mei de slachtoffers van Kamp Amersfoort herdacht en de geallieerde militairen die gesneuveld zijn. En dus niet de joden die zo wreed uit onze stad zijn weggevoerd en vermoord.
De directeur van Kamp Amersfoort, Willemien Meershoek, is dat overigens met me eens. “Kamp Amersfoort ligt niet eens in Amersfoort, maar in Leusden,” liet ze me een keer weten toen we het erover hadden.
In een reactie op een van mijn stukken in De Stadsbron liet NS-directeur Roger van Boxtel weten dat de NS bereid is mee te denken over een joods monument in Amersfoort.
Burgemeester Bolsius denkt gelukkig anders over de kwestie dan zijn voorganger Brouwer. Hij is in overleg, zo verneem ik vanuit het stadhuis, met de joodse gemeenschap in Amersfoort. In september is er weer een gesprek.
Wordt dus vervolgd.
bijsluiter
In de eerste versie van deze Grimlach maakte ik abusievelijk melding van 400 omgekomen joodse Amersfoorters. Recent, nauwkeurig onderzoek heeft aangetoond dat van de 676 joden die bij het uitbreken van de oorlog in Amersfoort woonden, er 339 vermoord zijn.
Zie www.tijdbalk-amersfoort.nl en scroll dan naar het jaartal 1945.
-
Inderdaad! Amersfoort verdient een publieke plek ter herdenking van haar Joodse inwoners die tijdens de Tweede Wereldoorlog zijn vermoord. Gebeurt dat dan niet bij de Stille Tocht?
Stilte, dat was in Oud-Leusden zeventig jaar vaste prik en werd door velen bijzonder gewaardeerd. Wie worden herdacht, dat bepaalt uiteindelijk iedere deelnemer zelf. In 2017 was er voor het eerst een toespraak. De doden werden benoemd.... Lees meer...door Ronald Polak om 17-08-20, 09:39
-
Mooie, gedegen reactie van Ronald Polak.
Ik heb zelf van het jaar waarin ik in Amersfoort ben komen wonen (1976) tot 2018 jaarlijks de Stille Tocht gelopen, met mijn vrouw, met onze dochters, met onze kleinkinderen en ook een enkele keer alleen. Ik heb daarbij herdacht wie ik zelf herdenken wilde.
Maar ik heb een paar jaar geleden gesignaleerd dat Amersfoort in tegenstelling tot heel veel andere plaatsen in Nederland,... Lees meer...door Arjeh Kalmann om 17-08-20, 11:20
- Ik ondersteun graag de aandacht en oproep voor een zichtbaar monument in de stad voor de vermoordde Joodse medeburgers. De Gedenkrol met de digitale presentatie en link naar de info over de Herdenkingsstenen is in het Eem Archief toegankelijk. Maar ook nog te zeer in het verborgene.
Ik hoop dat er een monument op duidelijke plaats in het publieke domein in de stad komt.
Frans Zwarts
door Frans H.J. Zwarts om 21-08-20, 09:38
-
Graag sluit ik mij aan bij de reacties op het artikel van Arjeh Kalmann. Ik deel de mening, dat in stad Amersfoort een duidelijk zichtbaar en appellerend monument noodzakelijk is voor het grote aantal Joodse medeburgers, dat in WOII werd vermoord. Er is een vorm van gedachtenis middels de Gedenkrol met alle namen. Deze Gedenkrol wordt bewaard wordt in het Archief Eemland. Dankzij de digitale presentatie daarvan met de...
Lees meer...
door Frans Zwarts om 2-09-20, 09:44


Stilte, dat was in Oud-Leusden zeventig jaar vaste prik en werd door velen bijzonder gewaardeerd. Wie worden herdacht, dat bepaalt uiteindelijk iedere deelnemer zelf. In 2017 was er voor het eerst een toespraak. De doden werden benoemd. Het betrof vooral slachtoffers van Kamp Amersfoort en gesneuvelde militairen. Het woord Joden viel die avond niet, schrijnend genoeg. Ik heb mij dat jaar tot de organisatoren gewend. Bij de officiële gezamenlijke dodenherdenking van de gemeenten Amersfoort en Leusden behoort het ook om Joodse slachtoffers te gaan.
Hoe is die plechtigheid ontstaan? In 1947 wordt de eerste Amersfoortse dodenherdenking gehouden. De deelnemers aan de Stille Tocht lopen vanaf het Julianaplein over de Leusderweg naar Rusthof. Bij de gemeentegrens haakt een delegatie uit Leusden aan. De locatie voor de plechtigheid is met name gekozen omdat daar ‘Russische’ militaire graven zijn. Aan de ambassadeurs van ‘bevriende naties’ was gevraagd waar in Nederland hun gevallenen moesten worden herdacht. Tien jaar lang blijft de herdenking ongewijzigd, ook al geven de spanningen van de Koude Oorlog steeds meer complicaties. De deelnemers trokken al die jaren niet langs ‘de Stenen Man’.
In 1959 krijgt de Stille Tocht in grote lijnen de nog steeds bestaande vorm. Het vertrekpunt werd het Dierenasiel aan de -toen nog- Appelweg. Via ‘De Stenen Man’ liep men vervolgens naar Rusthof. Pas in de jaren negentig werd Kamp Amersfoort en het ‘Russische Ereveld’ in de herdenking betrokken. Sindsdien worden steeds meer rituelen toegevoegd aan de oorspronkelijke sobere en stille herdenking.
De geschiedenis van 75 jaar herdenken bij Oud-Leusden heb ik gedetailleerd beschreven in mijn artikel 'In stilte staan we hier' in Leusden Toen, mei 2020.
Op basis van mijn onderzoek concludeer ik dat Arjeh met enig recht kan menen dat in Oud-Leusden militairen en gevangenen herdacht worden. Als deelnemer sinds 1960 heb ik zo’n beperking echter nooit ervaren. Sterker nog, bij Oud-Leusden ging het decennia om een complete ‘all-in’ herdenking. De recente ritualisering van de Stille Tocht met het risico van beklemtoning van groepen slachtoffers vind ik geen verrijking, zoals ik in genoemd artikel illustreer.