Staatsman Johan van Oldenbarnevelt herdacht

door Joke Sickmann
2 January 2020om 21:56u

borstbeeld.jpg

Standbeeld en Klankbeeld

Het afgelopen jaar is er veel aandacht geweest voor de herdenking van Johan van Oldenbarnevelt. In 1619, nu vier eeuwen geleden, vond hij de dood op het schavot. Ter gelegenheid van het herdenkingsjaar heeft de Amersfoortse radiozender ‘De Golfbreker’ een radioklankbeeld gemaakt over dit onderwerp. Afgelopen zaterdag 28 december 2019 is de opname aangeboden aan het Archief Eemland. Daarna is het klankbeeld voor de eerste keer uitgezonden.

Klankbeeld Johan van Oldenbarneveld aangenaam

https://www.mixcloud.com/golfbreker/johan-van-oldenbarnevelt-klankbeeld/

uitzending Radio de Golfbreker 28 december 2019

https://www.mixcloud.com/golfbreker/johanvanoldebarneveltgerfkamer/

Vanuit de Gerfkamer in de Joriskerk een uitzending met:

  • Roelof Meijer en Erik van Venetië en 
  • Bert Prinsen (Johan van Oldenbarnevelt)

John Stribos heeft een half jaar gewerkt aan de tekst in samenwerking met:

  • Gerard Chel en Guido de Wijs
  • John Stribos over zijn uitdaging om het te schrijven
  • Bert Prinsen en Ernst Acherman (Johan en Maurits)
  • Huub Hemels heeft de muziek uit de Middeleeuwen uitgezocht

Ina Loovers Gerfkamer 28-12-2019.jpg
Aanbieding klankbeeld over Johan van Oldenbarnevelt door 'De Golfbreker' op 28 december 2019 aan Ina Loovers van Archief Eemland

Radio de Golfbreker https://www.golfbrekerradio.nl/

Standbeeld

De presentatie van het klankbeeld, zo tegen het eind van het herdenkingsjaar, is een goede aanleiding om nog even stil te staan bij het onderwerp herdenking van Johan van Oldenbarnevelt. Ondanks de hoop en de wens en de vele inspanningen van de Stichting Johan van Oldenbarnevelt2019 is het initiatief niet uitgegroeid tot een groot nationaal herdenkingsjaar. In 2015 dook de doelstelling van de stichting op in een krant:  “Anders dan de meeste herdenkingen willen de initiatiefnemers de dood van Van Oldenbarnevelt aangrijpen om een brug te slaan tussen verleden en heden. De vraagstukken van toen zijn ook de vraagstukken van nu: (afnemende) tolerantie, vluchtelingen, religieuze onverdraagzaamheid. Belangrijke doelgroep zijn de jongeren, de toekomstige leiders die 'het Stokske' van de huidige generatie moeten overnemen. Wat kunnen we leren van Van Oldenbarnevelt?” *1)

Wat mijzelf betreft, besloot ik de proef maar alvast op de som te gaan nemen, door tijdens het kerstdiner aan de kleinkinderen te vragen of zij misschien wisten wie Johan van Oldenbarnevelt was. Eerst viel er een korte maar diepe stilte, die daarna haastig opgevuld werd door de oudste kleinzoon met de mededeling dat hij het wel wist! Dat het iets met de Engelse oorlogen te maken had. Ja, want hij had toch Cornelis de Wit in de film gezien.  In die film waarin Michiel de Ruyter toch de hoofdrol speelde?  Maar naar die film had ik nou net weer niet gekeken… Uiteindelijk kwamen we gezamenlijk, jong en oud, tot de conclusie dat Johan van Oldenbarneveldt in het tegenwoordige onderwijs toch niet die aandacht krijgt die hij eigenlijk wel verdient.

De aanleiding tot het oprichten van het standbeeld

onthulling 1911.jpg
Officiële onthulling Standbeeld van Johan van Oldenbarnevelt, op 3 maart 1911, Foto archief Eemland

De eerste keer dat er in Amersfoort stemmen opgingen dat we hier toch wel iets zouden kunnen gaan doen aan een herdenking van Johan van Oldenbarnevelt, was in 1903 en dat idee was een directe reactie op de grote publieke belangstelling die er destijds was voor het opgraven van de Amersfoortse Kei.  Het verhaal van de kei is bekend. Onder aanvoering van Jonkheer Everard Meyster trokken de Amersfoorters met vereende krachten in 1661 de grote kei die ver buiten de stad was gevonden naar Amersfoort. Op een gegeven moment is die kei begraven. Het comité dat het originele initiatief heeft genomen om de kei weer op te graven kreeg zoveel bijval dat daarna het idee werd opgevat dat het toch mooi zou zijn als er in Amersfoort een standbeeld zou kunnen komen voor de nagedachtenis van Johan van Oldenbarnevelt. Aanstichter van deze gedachte is waarschijnlijk Dr. H.G. Reynders, docent oude talen en  conrector van het Johan van Oldenbarneveltgymnasium. Reynders zegt zelf in de aantekeningen voor zijn toespraak ter gelegenheid van de onthulling van het standbeeld het volgende. 

De Keicommissie nam het initiatief

“Laat mij vooraf met een kort woord de geschiedenis meedeelen onzer vereeniging, die zich heeft genoemd naar de man, die wij heden herdenken en op waardige wijze trachten te eeren. De vereeniging bestaat slechts uit weinige leden en is eigenlijk eene voortzetting van de Commissie, die zich vroeger had geconstitueerd tot opgraving en oprichting van de Amersfoortsche Kei.” *2)

Dat er tussen het eerste idee en de feitelijke onthulling van het beeld in 1911 8 jaar verlopen is, lijkt een vrij lange periode. Maar dat zal vast wel te maken hebben met de omstandigheid dat in de eerste jaren na 1903  er nogal wat twijfel was gerezen of men wel met het plan door moest gaan. Maar, zo schreef Reynders: “Toen wekte ons uit onze rust het bericht dat een Rotterdammer den Gemeenteraad van zijn woonplaats gelden had aangeboden voor een standbeeld van J.v.O., Rotterdam’s Oud-pensionaris. Toen begrepen wij die zijn geboorteplaats vertegenwoordigen en zo gaarne zijn beeld in zijn geboorteplaats wilden zien verrijzen niet langer te mogen achterblijven en besloten wij alle pogingen in het werk te stellen om nu te slagen.”

Herdenking 13 mei 1919.jpg
Herdenking 13 mei 1919 (foto archief Eemland)

Vervolgens vond er op 13 mei 1919 in Amersfoort de officiële herdenking plaats dat Johan van Oldenbarnevelt 300 jaar geleden was onthoofd. De provinciale Drentse en Asser Courant schreef: “Den 13en Mei zal namens H. M. de Koningin een krans worden gelegd bij het borstbeeld van den beroemden staatsman te Amersfoort. Onze Vorstin geeft hierdoor blijk, welk een ruim standpunt ze weet in te nemen. Geen van haar voorvaderen was daartoe in staat

De Haagse courant schreef op 15 mei: “Voor de vereeniging „Die Haghe" voerde gisteravond dr. N. Japikse het woord over ,,Johan van Oldenbarnevelt” Heden, aldus ving spreker aan, is het 300 jaar geleden dat de terechtstelling van dezen staatsman plaats vond. Dat was de belooning voor 43-jarigen trouwen dienst aan den lande bewezen. Dit tooneel brengt onwillekeurig den 30° Augustus 1672, den moorddag van Johan de Witt voor den geest. Toch schrijnt de gebeurtenis van 1619 spreker meer, waar deze een gevolg van de beredeneerde wreedheid eener buitengewone rechtbank was, die een vonnis velde, dat reeds Vondel 'n moord noemde. Een biograaf heeft Oldenbarnevelt niet gevonden, maar vele dichters zijn door zijn leven en sterven geïnspireerd. Nog steeds bestaat geen behoorlijke uitgaaf van de geschriften van den Landsadvokaat, maar spreker hoopt dat deze weldra zal verschijnen, als een gevolg van deze herdenking.”

Op 19 mei schreef dezelfde krant: “Zooals men weet, werd de Koningin bij de herdenking te Amersfoort […] vertegenwoordigd door den Commissaris der Koningin in Utrecht, graaf van Lynden van Sandenburg, kamerheer i. b.d. van H. M. De rede bij die gelegenheid door den vertegenwoordiger der Koningin uitgesproken, luidt als volgt: ,,H. M. de Koningin, die steeds voorgaat waar het geldt de waardeering der verdiensten van hen, die het vaderland hebben groot gemaakt, stelt er prijs op, ook op den dag van heden uiting te geven aan haar gevoelen ten opzichte van hem, wiens sterfdag wij heden herdenken. „Ik weet het wel: deze dag roept de herinnering op aan hoogst betreurenswaardige gebeurtenissen, waarbij een man, wiens groote, onmiskenbare verdiensten door niemand hier te lande meer in twijfel worden getrokken, — in de zoozeer bewogen jaren, waarin ons volk bezig was zich te ontworstelen aan vreemde heerschappij en den weg te vinden, waarop, en den regeringsvorm, waaronder het als zelfstandige natie recht had op een plaats onder de staten van Europa ten offer is gevallen aan een diepgaand verschil van inzicht bij hen, die destijds de leiding van zaken hadden, verschil zoowel op het gebied van de staatkunde als op dat van den godsdienst, en vooral wat betreft de verhouding van kerk en staat, toen meer dan ooit geëigend om de hartstochten op te wekken. Doch wij, die thans meer onbevooroordeeld tegenover de feiten staan dan tijdgenooten, wier oordeel eensdeels door wantrouwen en anderdeels wellicht door verdachtmaking werd beïnvloed, mogen eenerzijds, zonder ook het tragisch uiteinde van dezen grijsaard in eenig opzicht te willen goedkeuren, bedenken dat juist in dien tijd. veelal de ontknooping van den strijd om de staatsmacht op dergelijke gewelddadige wijze werd verkregen, en anderzijds ten volle recht laten wedervaren aan, en het juiste licht doen schijnen op de bekwaamheden, verdiensten en toewijding van een man, die — tredende in de voetstappen van den grooten Zwijger en onder voortzetting van diens politiek — in de jaren na 1584 de Noord-Nederlandsche gewesten veilig heeft weten te leiden tusschen de klippen van binnenlandschen naijver en buitenlandschoe vijandschap. ,,Als hulde aan dien staatsman leg ik dan ook uit naam van H. M. dezen krans hier neer." 

De Amersfoortse commissie die volgens de notities van Reynders in 1904 haar statuten had ingeleverd en koninklijk was goedgekeurd had inmiddels een nieuwe voorzitter. Dr. R. Miedema was in 1918 aangetreden als dominee voor de Remonstrantse Gemeente in Amersfoort. De  nieuwe voorzitter had zich goed op het onderwerp voorbereid, en had een verklarende brochure geschreven met als titel “13 mei 1619 – 13 Mei 1919, Johan van Oldenbarneveldt herdacht”. *3)

In de brochure koppelt hij de herdenking van 300 jaar Johan van Oldenbarnevelt aan het feit dat op 5 maart 1616 de Remonstrantsche Broederschap werd gesticht. Niet geheel onterecht voor dit eerste jaar na het einde van de Eerste Wereldoorlog probeerde Miedema tevens een vergelijking te maken met de verscheurde tijden 300 jaar geleden, en nu. “Wederom beleven wij, evenals eertijds Oldenbarneveldt, zoowel op staatkundig als op godsdienstig gebied een veelbewogen tijd, doch wat zich toen nog op beperkt terrein voltrok, is thans geworden tot een wereldgebeuren.”

Ik kan mij goed voorstellen dat deze woorden in het Amersfoort van die tijd, dat immers tijdens de Eerste Wereldoorlog overstroomd is geweest van Belgische vluchtelingen en geïnterneerde Belgische soldaten,  deze woorden goed begrepen zijn. Juist in die jaren is er een verlangen naar grotere garanties voor vrede tussen de volkeren en uiteraard verwijst Miedema dan ook in zijn betoog  naar de Volkerenbond die in de eerste maanden van 1919 is opgericht. Je kunt wel zeggen dat het bijna zeer vanzelfsprekend is dat in zo’n klimaat de herdenking van Johan van Oldenbarnevelt in goede aarde is gevallen.*3)

Vive la paix, october 1925

Tot slot volgt daarom hierna de volgende mooie tekst van mevrouw Ernestine Laugel, een Amersfoortse Francaise, die eind negentiende eeuw uitweek naar Nederland (Alsace Lorraine)  en zich hier blijvend vestigde. Ze was lerares Frans. In de jaren van de Eerste Wereldoorlog heeft zij een reeks oorlogsdagboeken samengesteld, bestaande uit collage’s van  berichten uit de krant over de oorlog, voorzien van haar commentaar.  Zij was in 1925 samen met een groep gelijkgestemde Amersfoorters, waaronder ds R. Miedema aanwezig in Locarno ten tijde van de ondertekening van het pact van Locarno, october 1925 en sprak toen o.a. de volgende woorden uit. 

“Moge deze vrede, vrucht van zoveel inspanningen, van zoveel ontberingen, van zoveel bloed, ons verzekeren voor lange tijd van rust in het werk het vertrouwen in de inspanningen, de vreugde van verbroedering.

Mogen wij op de as van een pijnlijk verleden, zich zien oprichten , een tempel waarin zich al onze goede wil veranderen zal in een gezegende werkelijkheid die zal bijdragen aan algeheel welzijn.

Wij vormen hier een internationaal gezelschap dat in onze ogen en harten het grote Vaderland is. Hollanders, Duitsers, Italianen, Fransen, Belgen, laten wij elkaar de hand geven zonder bijgedachten en herhalen wij in onze eenvoudige omgeving het werk van de Chamberlains, de Stresemans, de Luthers, de Briandt, zonder hun voorgangers Mac Donald en Herriot te vergeten.  Dat alles dat op haat lijkt verbannen wordt, dat alles wat liefde is ons dagelijks brood zal zijn.” *4)

bronnen

*1) 18-11-2015 website Barneveldse Courant: (redactie)  Johan van Oldenbarnevelt krijgt stichting

* 2) Archief Eemland  0131 Vereniging Johan van Oldenbarnevelt  te Amersfoort, 1903-1911

* 3) Valkhoff’s Boekhandel (Y.O. de Jong), bibliotheek archief Eemland.

*4) Ernestine Laugel, 10 Dagboeken over de eerste wereldoorlog, Meertensinstituut, A’dam

opmerkingen

    nog geen reacties

(maak u bekend met uw volledige naam)

Steun de Stadsbron!

U steunt ons met een gift via IDeal al met een bedrag vanaf 2 euro per artikel.

Draag bij!