Wijkmuseum Soesterkwartier meer dan een pleisterplaats voor nostalgie

door Joke Sickmann

Kinderen Anjerplein.jpg

Anjerplein (1935)

In 2012 kreeg het Wijkmuseum Soesterkwartier van woningbouwcorporatie Portaal  de beschikking over een huisje in de St. Bonifaciusstraat. Wie er binnenkomt treft er een aardig arbeidershuisje aan, mooi gerestaureerd en van top tot teen ingericht in de stijl van de jaren twintig, of misschien iets later. Bijna allemaal oude spulletjes uit het Soesterkwartier.  De voorlopers en founders van dit Wijkmuseum zijn er al bijna niet meer. De tijd slijt.  Maar betekent dat nu dat het Wijkmuseum Soesterkwartier daarom best wel weer eens opgeheven zou kunnen worden? Integendeel.

Het Wijkmuseum Soesterkwartier is cultuurhistorisch gezien van belang voor Amersfoort en een niet te verwaarlozen ankerpunt voor de historische identiteit van het gebied tussen Spoor en Eem

De kiem voor de oprichting van het museum, is twintig jaar geleden al gelegd. In dit artikel ga ik uitgebreid in op wat heeft geleid tot de oprichting van het museum en waarom juist in de nabije toekomst dit museum zo’n  waardevolle maatschappelijke bijdrage zou kunnen leveren aan de opbouw en de versterking van het vernieuwde stadsdeel “langs Spoor en Eem”, de nieuwe wijk die Amersfoort voor ogen staat.  

In Amersfoort - en zeker op het gemeentehuis -  is er rond de eeuwwisseling al veel nagedacht en gesproken over de toekomst van het Soesterkwartier. Bepaalde conclusies zijn vastgelegd in een wijkperspectief. (In 2002 sprak men daarover al in de gemeenteraad.)
Dit wijkperspectief  is dan ook in zekere zin te beschouwen als een keerpunt in de geschiedschrijving  van het Soesterkwartier, omdat vanwege de discussie die er ermee op gang was gekomen een mooie aanzet is gegeven, om het algemeen bekende verhaal over de geschiedenis van de wijk op te tillen boven het  niveau van alleen maar goede en misschien wat minder goede herinneringen. Vanaf toen is men meer of minder systematisch op zoek gegaan naar de sporen van het verleden en de historische identiteit van het Soesterkwartier.  

Het gaat niet om het Soesterkwartier alleen

Natuurlijk was er destijds (2000) nog wel meer aan de hand in Amersfoort.  We kunnen daarbij bijvoorbeeld  denken aan de ingrijpende plannen rond de ontwikkeling van het Centraal Stadsgebied (CSG) en aan de herinrichting van wijken die genoemd worden in het programma ‘Amersfoort vernieuwt’. Het zijn onderwerpen die in ieder geval zijdelings ook het Soesterkwartier zouden gaan raken.

Vanaf 2000 nog verder blikkend naar het verleden kunnen we voor het Soesterkwartier vaststellen dat de aanleg van de Amsterdamseweg na de Tweede Wereldoorlog jammer genoeg van negatieve invloed is geweest op de historische identiteit van de wijk. Je zou kunnen zeggen dat het Soesterkwartier daarmee feitelijk afgesneden werd van haar wortels.  Als één van de wortels van de wijk kan je bijvoorbeeld de rivier de Eem aanwijzen, het  vertrekpunt namelijk,  waar met de bouw van het Sasje vanaf 1880 de bouw van de arbeiderswijk het Soesterkwartier is begonnen. Maar je kunt ook denken aan die allereerste weg naar Soest, de eeuwenoude Zoesderweg door de lage Birkt, die aan de grens van de gemeente overging in de Zwarteweg.  We hebben het hier over de oude verbindingsweg van Amersfoort over Soest, Eemnes, richting Amsterdam!  In Amersfoort is het einde van die oude weg gelijk met de aanleg van de Bomenbuurt radicaal van de aardbodem weggevaagd. Wie in Amersfoort heeft nog enige weet van de oude route door de wijk? Wie kent die weg nog naar ons Eemland?  Ik herinner me nog heel goed dat Joop Fremouw mij in zijn woninkje aan de Plataanstraat eens uitvoerig uitlegde hoe de oude Soesterweg vroeger liep: ”dan moet je hier de Amsterdamseweg oversteken!“ Ja ja, Birkt! Dat moet zo ongeveer bij datzelfde punt zijn waar nu onlangs, nog maar enkele weken geleden,  dat laatste boerderijtje van boer Lam, dat boerderijtje dat nog dateerde uit zeker de eerste helft van de achttiende eeuw, is gesloopt!  Maar wie kraait er anno 2019  nog naar deze oude geschiedenis? Geschiedenis moet je wel vasthouden.

En zo er zijn nog meer wortels aan te wijzen waarvan het Soesterkwartier in latere jaren is afgesneden. Als in de beginjaren van de twintigste eeuw het Soesterkwartier begint op te komen, dan is er daar opeens sprake van het Wagenbedrijf van de Hollandsche IJzeren Spoorwegmaatschappij, de HIJSM, dat machtige spoorbedrijf dat niet lang na die grote landelijke spoorwegstaking (1903) zich met een nieuwe werkplaats op een centrale plek, in het midden van het land wilde gaan vestigen. Welvaart en werkgelegenheid namen hier zienderogen toe.  Amersfoort is groot geworden dank zij het Spoor! Tegen het einde van de vorige eeuw volgt dan de inkrimping van het bedrijf. Met de definitieve sluiting van de Wagenwerkplaats in 2000/2001 heeft de historische wijk het Soesterkwartier – hoewel we dat toen waarschijnlijk nog niet zo beseften –een flinke klap gekregen. Maar hoe nu verder?

Laten we dan toch eerst nog maar even stilstaan bij de Wagenwerkplaats zelf, die immers zo belangrijk is geweest voor het Soesterkwartier. Het bedrijf dat het ritme van het  leven in de wijk heeft bepaald.  De fabrieksfluit die opriep om op te staan en naar het werk te gaan.  Het is – zo lijkt het mij - dan ook wel een beetje wrang als je bij de besprekingen over het nieuwe wijkperspectief te horen krijgt dat er niet over de Wagenwerkplaats gesproken mocht worden, omdat je dat gebied niet tot het Soesterkwartier kan rekenen. Laten we eerlijk zijn, als je zulke uitspraken op je boterham krijgt, dan kan je best nog wel een keertje dwarsliggen naar de gemeente toe! Zo bekeken is de dwarsheid die we bespeuren in het gedrag van de doorsnee Soesterkwartierder toch ook wel te waarderen. Het is een mooie  houding die je in deze wijk met de paplepel krijgt ingegoten en waar je dus ook best wel eens trots op kan zijn!

“Je moet toch eerst eens naar het verleden kijken”

In  vervolg op het hiervoor al genoemde – eigenlijk toch niet helemaal geslaagde - eerste concept wijkperspectief is er destijds voor het Soesterkwartier een scenariogroep opgericht.  Ik weet niet precies wie daar in zaten. In ieder geval enkele Soesterkwartierders die vooruit wilden kijken. Ambtenaren? Een opbouwwerker.  In die bewuste groep is de uitspraak gevallen:  “wie over de toekomst wil praten, moet eerst maar eens naar het verleden kijken”. Jacques van der Heiden, geboren en getogen Soesterkwartierder, Rozenstrater, geboren nog in het decennium dat de eerste Bloemenbuurtjes door ‘Goed Wonen’ werden aangelegd en tevens deelnemer aan de nieuwe klankbordgroep knoopte dat goed in zijn oren. Hij wist wel hoe hij dat idee over de geschiedenis van de wijk het beste zou kunnen aanpakken! 

Hij verzamelde de Soesterkwartierders om zich heen die nog wel iets meer van dat verleden van de wijk zouden kunnen afweten. En dat was -  om te beginnen -  inderdaad Joop Fremouw, die ik al eerder noemde: de spoorwegman die de fotografie had verzorgd (beginjaren ’80) voor de wijkkrant en die later in 2000 ook nog de hoofdrol heeft gespeeld in ‘La Mama’, de Stadsopera van Willem Borra, en ook Henny Mosterd,  de groenteboer aan de Soesterweg. Henny was nog geboren op de Driest waar vader Mosterd de stadslandbouw beoefende – om het zo maar eens in de termen van de huidige tijd uit te drukken.  De Driest, dat was het gehuchtje nabij de Geldersestraat – daar ergens hemelsbreed  in de buurt van de Kleurstoffenfabriek en de gemeentereiniging.  De Driest is ook dat buurtje  dat  in 1940 ter wille van het schootsveld van de Grebbelinie afgebroken moest worden en na de oorlog niet meer is  teruggekomen vanwege de nieuwe uitbreiding van het industriegebied.  

Maar ook nieuwkomers in de wijk werden uitgenodigd om mee te doen zoals typograaf en drukker Arie Brons,  die in zijn jeugd op het Bleekerseiland had gewoond, maar in de loop der jaren wel een complete verzameling over de geschiedenis van het Soesterkwartier bijeen had gegaard. En Roel Buitenhuis natuurlijk, die bij het kadaster had gewerkt en die er later voor heeft gezorgd dat de geschiedenis van ‘De schietkelder onder de Westerkerk’ weer op ons historische netvlies kwam te staan. Zijn toenmalige buurvrouw, kunsthistorica,  wilde wel meehelpen bij het maken van een mooi boek over het Soesterkwartier, en dan ook niet te vergeten fotografe Myra Steens die zo goed de weg wist in de wijkwinkel en die mooi kon helpen bij het opzetten van de tentoonstellingen die werden georganiseerd. En ook ik, Joke Sickmann, maar ik werd er alleen maar bij gehaald , omdat ik met de mensen van het Sasje een fotoboekje had samengesteld over het Sasje dat nooit meer zou mogen worden vergeten. En tot slot Bart Noordewier,  een neef  van ‘Berend’, de man die zoveel betekend heeft voor het aanzien en de emancipatie van de Soesterkwartierders. Bart woonde wel in Leusden, maar dat gaf niet. In de jaren ’50 was hij, jonggetrouwd en wel, samen met zijn vrouw één van de eerste bewoners van het Vreeland, summum van moderniteit - in die eerste tijd tenminste. In 2012 kreeg het museum de beschikking over het huisje in de St. Bonifaciusstraat.

Verwachtingen gemeente over de toekomst van het Soesterkwartier

Ten tijde van het wijkperspectief, is er in de gemeenteraad van Amersfoort nog wel gesproken over de toekomst van het Soesterkwartier.  Zoals bijvoorbeeld tijdens die openbare vergadering van de raadscommissie voor Stadsbeheer, Wijkgericht Werken en Milieu, onder leiding van wethouder Jan de Wilde, op 22 januari 2002.  De wijze uitspraken van David Mol van Groen Links die we in het verslag van de commissie aantreffen zijn in dit verband interessant genoeg om nog eens aan  te halen:  “GroenLinks vindt dat veel aandacht aan het Soesterkwartier moet worden besteed, omdat de wijk wat betreft wonen een soort industrieel erfgoed is, dat zo moet worden bewaard, dat het een nieuwe functie krijgt.” [..]  “Wanneer een wijk in de openbare ruimte niet goed wordt aangepakt, heeft dat op veel terreinen effect en invloed”.

Tot slot. Nu juist in deze dagen het masterplan van de Wagenwerkplaats weer op tafel ligt, is het goed om te beseffen dat het slotakkoord  van wat er nu precies met het gebied van de Wagenwerkplaats zal gaan gebeuren nog lang niet geklonken heeft. En het is belangrijk om daarbij te bedenken dat er hier ook veel nieuwkomers zullen komen die nog maar weinig weet zullen hebben van wat hen hier in het Soesterkwartier te wachten staat. Wie straks op de Wagenwerkplaats komt te wonen, woont ook in het Soesterkwartier. Kennismaken met de buurt lijkt dan belangrijk. Het Wijkmuseum kan daarbij een goede rol spelen en de gemeente doet er goed aan om daarbij een handje te helpen.

Redenen genoeg voor een pleidooi om juist in dit museum vanuit de gemeente meer te investeren dan je op het eerste gezicht nodig acht.

Amersfoorters die het leuk vinden om als vrijwilliger aan de opgave van het Wijkmuseum mee te werken zijn daar van harte welkom. Zie meer op de website www.wijkmuseumsoesterkwartier.nl

opmerkingen

  • nog geen reacties
(maak u bekend met uw volledige naam)

Steun de Stadsbron!

U steunt ons met een gift via IDeal al met een bedrag vanaf 2 euro per artikel.

Draag bij!