2 reacties

Terug in de tijd naar verkiezingsdebat in de Markthal in 1973

door Martin Rep
22 November 2019om 16:57u

Ik krijg zomaar de beschikking over een schat uit het verleden en meteen tuimelen de herinneringen van bijna vijftig jaar geleden over elkaar heen. Een duik in de geschiedenis van de Amersfoortse Courant: hoe ik een van de eerste ‘camjo’s’ van Nederland werd.

Opeens houd ik een plastic zak in mijn handen, die Arjeh Kalmann achteloos heeft neergegooid op de stamtafel van het Stadscafé Amersfoort. “Ik ben aan het verhuizen”, zegt Arjeh. “Wie heeft er wat aan deze oude foto’s?” Voor iemand anders heeft kunnen reageren, heb ik de zak al in beslag genomen.

Nieuwsgierig bekijkt het groepje journalisten de inhoud. Iedereen hier is naar Amersfoort gekomen dankzij mijn oproep aan de voormalige collega’s van de Amersfoortse Courant/Veluws Dagblad om, vooruit, nog één keer samen herinneringen op te halen aan toen. Vandaag gebeurt dat voor de negende of tiende keer. Het is nooit een grote groep: een stuk of tien zijn het er meestal, soms minder, soms meer. Er komen nooit nieuwe bij, er gaat er hoogstens een dood. We brengen een toast uit op de vrienden die er niet meer zijn, een andere toast op zieke collega’s en omdat we nu toch in de sfeer zijn, een extra toast op de collega’s die verstek hebben laten gaan.

Vandaag zitten we met z’n negenen rond de tafel. De meesten van hen zijn na hun periode in Amersfoort uitgezwermd naar andere kranten of andere media. Maar sommigen zijn gebleven. Zoals Arjeh Kalmann, die zojuist de zak met foto’s op de stamtafel heeft gedeponeerd. Maar Arjeh is dan ook hoofdredacteur van de krant geworden, als verre opvolger van de man over wie de meeste gesprekken hier gaan, Keimpe Koopmans.

Arjeh heeft de foto’s tijdens een van de vele verhuizingen van de krant gered van de shredder. Het hoofdkantoor stond toen al lang niet meer in Amersfoort, maar in het anonieme Houten, waar het Utrechts Nieuwsblad zetelde, dat de AC had ingelijfd. Tegenwoordig zijn beide kranten al lang niet meer zelfstandig, maar zijn ze, net als tal van andere Nederlandse regionale dagbladen, kopbladen geworden van het AD, onderdeel van de in België gevestigde Persgroep.
De foto’s tonen twee belangrijke evenementen uit de geschiedenis van de krant. De meeste zijn ingeplakt in een album en brengen het feest in beeld rond de ingebruikneming van een nieuwe drukpers. De andere gaan over het eenmalige optreden van ‘AC-tv’ ter gelegenheid van de gemeenteraadsverkiezingen in 1973.

“Eigenlijk horen die foto’s thuis in het Eemland-archief”, zegt Arjeh nadenkend. Dat ben ik met hem eens. Ik spreek met hem af dat ik ze terwille van de collega’s zal inscannen en daarna aan het archief aanbieden.

Thuisgekomen bekijk ik de foto’s beter. Dat feest rond de ‘nieuwe’ pers (in werkelijkheid was het een tweedehandsje, overgenomen van Het Vrije Volk) komt later wel. Mij interesseren nu vooral de foto’s van de verkiezingsavond.

De AC was een deftige krant, gevestigd in een deftige straat

Vijf jaar lang heb ik gewerkt bij de Amersfoortse Courant. Toen ik er kwam, in december 1970, werd die naam nog als ‘Amersfoortsche’ geschreven, met -sch. Het was een wat deftige krant, gevestigd in de deftige Snouckaertlaan, tegenover het al even deftige Grand Théâtre, een bioscoop annex theater waar ik grootheden als Jasperina de Jong, Herman van Veen en Wim Sonneveld heb zien optreden. Naast het theater bevond zich het überchique Maison Härtel, waar de Amersfoortse clientèle heur hoedjes kwam kopen.

De redactie van de krant was een vrolijke linkse bende. Langharig tuig, onder leiding van een rechtse bullebak. Keimpe Koopmans wist alles, twijfelde nooit, hield van een vrije discussie (“mijn deur staat altijd open”, luidde een van zijn favoriete uitspraken) maar had zoveel kennis van zaken dat hij zijn jonge verslaggevers in de praktijk al snel de mond snoerde. Het land werd geregeerd door het meest linkse kabinet ooit onder leiding van Joop den Uyl, in de Amersfoortse raad was de progressieve fractie NU de grootste, maar Koopmans moest niets hebben van dat linkse gedoe. Terwijl de bevolking van Amersfoort te hoop liep tegen gemeentelijke plannen om in te grijpen in de plattegrond van de historische binnenstad, wilde Koopmans het liefst zijn stadsredactie verbieden om te schrijven over de protesten, die werden aangejaagd door een actiecomité, dat immers niet democratisch gekozen was en dus niemand vertegenwoordigde dan zichzelf (en Koopmans al helemaal niet).

Ik moest aan dat alles terugdenken toen ik de foto’s een voor een door mijn handen liet glijden. Ik had een mooie tijd beleefd bij de Amersfoortse Courant, en die verkiezingsavond was een bijzondere gebeurtenis geweest. 

Teruggevonden foto’s

ac-verkiez-06.jpg
Chef-stad Jos Bouten, hoofdredacteur Keimpe Koopmans en presentatrice Joque Mulder (van links af).

ac-verkiez-09.jpg
VVD-leider Hans Wiegel en PvdA-coryfee Marcel van Dam in de Markthal.

ac-verkiez-15.jpg

Wiegel wordt geïnterviewd door Koopmans.

ac-verkiez-20.jpg
Hans Wiegel, omstuwd door supporters, maakt zijn entree in de Markthal.

Op die dag in 1973 was Amersfoort het middelpunt van Nederland. Letterlijk was de stad dat al. Volgens sommige metingen is de Lieve Vrouwentoren, midden in de stad, het geografisch middelpunt van het land. Maar nu waren ook aller ogen op de stad gericht. Want op 20 november werden er extra gemeenteraadsverkiezingen gehouden. Noodzakelijk, aangezien de gemeente Hoogland per 1 januari 1974 zou worden geannexeerd door Amersfoort.

Het was, na de extra raadsverkiezingen in Zaanstad een maand eerder, de tweede test voor het rooms-rode kabinet-Den Uyl, dat eerder dat jaar was aangetreden. Geen wonder dat landelijke politici van allerlei pluimage naar Amersfoort kwamen om de kiezers toe te spreken: niet alleen Den Uyl zelf en oppositieleider Wiegel, maar bijvoorbeeld ook de communistische voorman Marcus Bakker.

Een geweldige kans om Amersfoort in de kijker te spelen, vond hoofdredacteur Koopmans. Hij presenteerde zijn redactie een geweldig idee. De uitslagen zouden worden gepresenteerd in de Markthal, een van de grootste ruimten die de stad kon bieden. Lokale en landelijke politici zouden onder leiding van hem, Koopmans, de uitslagen in een debat becommentariëren. Tot zo ver niet veel nieuws, maar wat het bijzondere van deze avond zou zijn: iedereen in de hal zou de debatten kunnen volgen op tv-schermen die overal zouden worden opgehangen en het publiek zou worden beziggehouden met reportages en interviews via diezelfde tv-schermen. Een Amsterdams videobedrijfje, Auvi Com, kon dat allemaal technisch in elkaar steken en er waren Haagse redacteuren en collega’s van het bevriende Utrechts Nieuwsblad die de Amersfoortse journalisten bij dit alles een handje konden helpen.

Er hoefde niet lang gediscussieerd te worden. Sowieso was echt discussiëren tijdens een redactievergadering niet aan te bevelen. Ik ben diverse malen door Koopmans de volgende ochtend op het matje geroepen als ik wat kritische opmerkingen had gemaakt. Maar in dit geval vond de hele redactie het plan voor deze eenmalige ‘AC-tv’ nu eens een leuk en goed idee. Video was een technische ontwikkeling waar we nog maar nauwelijks van gehoord hadden en het werken met camera’s was iets ongehoords voor een krantenredactie, die nog met typemachines en een loodzetterij werkte.

De taken werden snel verdeeld. Uiteraard zou Koopmans de debatten aan de tafel leiden. De meest aantrekkelijke (trouwens de enige) vrouwelijke verslaggever, Joque Mulder, zou presentatrice worden. Zo’n beetje de hele redactie werd voor de resterende taken ingeschakeld. Ik werd belast met het maken van een reportage overdag, bestaande uit een rondgang langs stembureaus in Amersfoort en Hoogland. Ik zou toevallig aanwezige kiezers en plaatselijke coryfeeën interviewen.

Zo werd ik, vijfentwintig jaar avant la lettre, een van de eerste ‘camjo’s’ van Nederland. Camjo’s, camera-journalisten, zijn tegenwoordig een vast team op de meeste krantenredacties: ze trekken eropuit met hun camera - een smartphone volstaat meestal - om voor de website van hun dagblad reportages te maken. Ik zwaaide met een grote microfoon voor de neus van mijn slachtoffers, terwijl collega Jan de Graaf een loodzware videocamera met zich meetorste om het vast te leggen. In zwartwit natuurlijk. Frank van Brakel, onze Haagse redacteur die mij een spoedcursus video-journalistiek had gegeven, monteerde het naderhand tot een aardig filmpje.

Na afloop wat chagrijnig achtergebleven

Ik word nieuwsgierig naar wat ik destijds over de verkiezingsavond voor de krant heb geschreven. Ik herinner me dat ik na afloop daarvan wat chagrijnig achterbleef. Nadat de officiële uitslag bekend was geworden en het slotdebat was afgesloten, trok de hele club naar de kroeg voor een uitgebreide nazit. Ik moest in de kille tl-verlichting op de redactie het verslag van het spektakel gaan schrijven. Ik miste zodoende die euforie en alle verhalen. 

Zo snel als ik kon maakte ik het verslag af, maar het was pas na één uur voor ik bij mijn collega’s in De Snuifmolen kon aanschuiven. Het werd toch nog gezellig.

Misschien had ik het verslag toch te snel afgemaakt. Ik verwachtte er een pluimpje voor van mijn hoofdredacteur, want ik vond het zelf wel een aardig stukje. In plaats daarvan onderhield hij me de volgende ochtend stevig. Hij was het er niet mee eens dat ik hem in het verhaal bij zijn voornaam had genoemd. “En als je dat dan toch godverdomme doet, schrijf dan tenminste mijn naam goed”, bromde hij. Ik had gezondigd tegen een van de belangrijkste regels van het vak: ‘I don’t care what you say about me, as long as you spell my name right’.

Zelf had ik het artikel niet bewaard. De archieven van de Amersfoortse Courant berusten tegenwoordig bij het Eemland-archief en dat komt goed uit, want daar moet ik toch heen om de foto’s op verzoek van Arjeh Kalmann over te dragen. Die overdracht mag hij zelf doen - hij was tenslotte degene die de schat van de shredder redde en hij is bovendien hoofdredacteur geweest - maar ik maak van de gelegenheid gebruik om mijn verhaal uit 1973 op te zoeken. 

Welwillende medewerkers van het archief hebben de microfilm van dat jaar al voor me klaargelegd. Hernieuwde kennismaking met mijn (ongesigneerde) verhaal van destijds maakt me niet echt trots. Het is niet het beste verhaal dat ik voor de krant heb geschreven. 

Tot mijn verrassing zie ik mijzelf wel op een foto staan bij het artikel. Ik word in de Markthal geïnterviewd door een medewerker van de Amersfoortse ziekenomroep de Golfbreker. Een nette jongen met een microfoon tegenover een langharige verslaggever van de Amersfoortse Courant.

Het was een vrolijke linkse bende, toen daar, onder leiding van de rechtse bullebak Keimpe Koopmans. Die toch net wat vaker een punt had dan we toen dachten. Maar misschien was dat juist wel het probleem: dat hij al te vaak een punt had. 

overdracht foto's aan archief.jpg

De foto’s uit de AC-historie worden overgedragen aan het Archief Eemland. Van links af: Martin Rep, Arjeh Kalmann en archief-medewerker Henk van Tilburg.

bijsluiter

Meer verhalen van Martin Rep op https://www.martinrep.nl/verhalen

Lees daar ook zijn verslag van de verkiezingsavond met de verkeerd gespelde voornaam van hoofdredacteur Koopmans. 

opmerkingen

(maak u bekend met uw volledige naam)

Steun de Stadsbron!

U steunt ons met een gift via IDeal al met een bedrag vanaf 2 euro per artikel.

Draag bij!