1 reactie

Aanbevelingen Rekenkamer over burgerparticipatie in bureaula verdwenen

door Margreet van Hensbergen

Vanuit mijn betrokkenheid bij BurgerwijZ033 en als actieve bewoner van de wijk Liendert zet ik me zowel in voor het doen slagen van burgerinitiatieven in de stad als voor het meer leefbaar maken en vergroten van de sociale cohesie in mijn wijk waar relatief veel mensen wonen die het moeilijk hebben. Bekend is dat mensen die het moeilijk hebben weinig ophebben met meepraten. Daar komt nog bij dat met name de eerste generatie migrantenvrouwen onvoldoende kan aangeven wat hun knelpunten en wensen zijn. Deze vrouwen beheersen enerzijds de taal onvoldoende en zijn anderzijds niet gewend mee te denken. 

Als actief burger van de wijk Liendert liep ik aan tegen ondoorzichtige regelgeving van de gemeente die zowel ons burgerinitiatief Seniorenkring Liendert als ons volgend burgerinitiatief Beheer de Groene Stee deed knallen. Dat bracht mij tot de vraag: hoe kan dat rijmen met de ambitie van de gemeente Amersfoort om samen met bewoners de stad te maken? Ik stuitte op het Rekenkamer-onderzoek: ‘Actief Burgerschap in de gemeente Amersfoort’ van juni 2015, waarin de vraag werd gesteld hoe deze ambitie gestalte krijgt in het beleid. Wat gaat goed in het faciliteren van actieve bewoners en hun initiatieven en wat kan beter? In hoeverre en op welke wijze wordt actief burgerschap door de gemeente Amersfoort gefaciliteerd? ,  luidt de centrale vraag van het Rekenkamerrapport dat op 24 november 2015 aan de gemeenteraad en het college is aangeboden. Op 15 december 2015 is het rapport besproken tijdens een Ronde. Nadien lijkt het van de aardbodem verdwenen. Het rapport is niet vastgesteld in de Raad. Er is ook geen collegebericht of Raadsvoorstel over het rapport verschenen. Kortom actief burgerschap lijkt van de agenda! Blijft de vraag overeind: Hoe doen we het dan samen? En waar kan ik als burger terecht als ik vragen heb?

Zie hier mijn motivatie en inzet om helder te krijgen hoe het burgerinitiatief in Amersfoort werkt of niet werkt. Sinds het onderzoek van de Rekenkamer in 2015 loopt het dood. 4 jaar na dato doe ik een poging te achterhalen hoe dat kan? Onderstaand schets ik een beeld van het onderzoek en het beleid van de gemeente met betrekking tot burgerinitiatieven. Ik zal er steeds als ik meer te weten kom over dit onderwerp iets over schrijven, tot we duidelijk hebben hoe het precies zit bij de gemeente en we zicht hebben op de publieke verantwoording over de gemeentelijke uitvoering van dit beleid. Voorlopig gaan we terug naar 2015.

Wat zegt de gemeentewet over de resultaten van onderzoek?

Artikel 213a van de Gemeentewet stelt nadrukkelijk dat het college schriftelijk verslag uitbrengt van het onderzoek aan de raad, waarin in ieder geval op de resultaten van ieder onderdeel van het onderzoeksplan wordt ingegaan. Het doel van artikel 213a is dat gemeente doelmatiger en doeltreffender gaat werken en dat bijgedragen wordt aan de publieke verantwoording over de gemeentelijke uitvoering van beleid. De Rekenkamer constateert dat in de praktijk in Amersfoort formeel niet, in elk geval niet expliciet en niet volgbaar, aan deze verordening wordt voldaan. Men werkt met de permanente beleidsevaluatie. Dit is vastgelegd in de (concept)verordening 212 die echter nog niet door de raad is vastgesteld. Hoewel de permanente beleidsevaluatie bijdraagt aan hetzelfde doel dat ook artikel 213a nastreeft, dient de daadwerkelijke inzet wel herleidbaar te blijken uit de planning en verantwoording van deze cyclus.

Hoe beoordeelt de gemeente actief burgerschap?

Voor de beoordeling van het Amersfoorts beleid gericht op het faciliteren van actief burgerschap is een normenkader opgesteld in het beleidskader Wmo dat de gemeente hanteert. Dat normenkader is geïnspireerd op het ACTIE-model van Denters c.s. (2012) Burgers maken hun buurt. Den Haag: Platform31. Onderscheiden worden drie manieren van ondersteunen door de gemeente: stimuleren, faciliteren en coproductie. Uitgaande van maatwerk zal de gemeente in het ene geval een actieve rol vervullen, de stimulerende rol, in het andere geval is faciliteren voldoende. De rol van ambtelijke ondersteuners is om ruimte te creëren, obstakels weg te nemen. Bij coproductie trekken bewoners en gemeente samen op. Belangrijk in het onderzoek was dan ook de vraag van de Rekenkamer naar de houding van de gemeente: wordt er bijvoorbeeld ruimte geboden om de gemeentelijke rol aan te laten sluiten bij wat situatie vraagt?

De gemeente gebruikt het actiemodel als onderlegger voor het normenkader 

In het actiemodel staat de vraag centraal: Hoe kunnen wij ondersteuning bieden aan een concreet initiatief? Door de vijf elementen van het model af te lopen kunnen de ambtenaren nagaan wat nodig is. Onderstaand de vijf elementen van het model:

  1. Animo: kan ik aansluiten bij de motieven van de actieve burgers of moet ik bijsturen?
  2. Contact: Kan ik gebruik maken van interne samenhang of kan ik externe banden (andere bewoners en instanties) versterken?
  3. Toerusting: Mag ik uitgaan van eigen kracht of moet ik aanreiken?
  4. Inbedding: Moet ik uitgaan van logica van burgers of van de logica van professionele organisaties?
  5. Empathie: Toon ik als ambtenaar betrokkenheid of dienstbaarheid?

Conclusies onderzoek Rekenkamerrapport

  • Actieve burgers hebben behoefte aan meer helderheid over criteria die bepalen of burgerinitiatieven wel of geen ondersteuning krijgen.
  • Er zijn zorgen bij actieve burgers over de duurzaamheid van de ondersteuning van burgerinitiatieven en vrijwilligersorganisaties.
  • De open houding, de andere werkwijze, die past bij het stimuleren van actief burgerschap is nog niet overal in de gemeentelijke organisatie ingedaald.
  • Uit het onderzoek bleek ook dat de Amersfoortse aanpak van actief burgerschap nog moet rijpen voor wat betreft monitoring, evaluatie en verantwoording, zodat de gemeente kan weten waar zij staat in haar ambitie.

Aanbevelingen Rekenkameronderzoek

  1. De Verordening onderzoek doelmatigheid en doeltreffendheid van de door het college gevoerde bestuur (artikel 213a Gemeentewet) en de uitvoering van deze onderzoek plicht in de praktijk op elkaar af te stemmen, opdat de uitvoering herleidbaar wordt naar de voorschriften die de gemeenteraad hieraan stelt.
  2. De cyclus van de besluitvorming van de Verordening voor het financiële beleid en beheer (artikel 212 Gemeentewet) in de gemeenteraad af te ronden.

De Rekenkamerbrief is in september 2015 aan de gemeenteraad aangeboden. Vanuit de wethouder en de ambtelijke organisatie is begin januari 2016 aangegeven dat er een nieuwe conceptverordening 212 klaarligt, met daarin opgenomen de uitvoering van de aanbevelingen van de Rekenkamer. In de tweede helft van februari 2016  zou deze conceptverordening geagendeerd worden in de commissie B&V. Vervolgens stond het definitieve collegebesluit en het raadsvoorstel gepland.

En...zijn de aanbevelingen in maart 2019 uitgevoerd?

Nee...Op 24 maart 2019, 3 jaar na dato heb ik niet kunnen achterhalen in de collegestukken dat de aanbevelingen van de Rekenkamer zijn uitgevoerd. Dat betekent dat het onduidelijk blijft In hoeverre en op welke wijze actief burgerschap door de gemeente Amersfoort wordt vormgegeven en hoe expliciet en volgbaar de publieke verantwoording van dit beleid is. Wordt vervolgd!

bijsluiter

Margreet van Hensbergen is oud-gemeenteraadslid voor de PvdA.

opmerkingen

(maak u bekend met uw volledige naam)